PostScript: de snorkel

verschillende typen snorkels

Vorige keer fulmineerde ik tegen afwerpbaar lood. Maar er zijn meer relikwieën aan onze duikuitrusting die behalve het representeren van de historie en ontwikkeling van de duiksport geen enkel ander nut meer hebben. Deze keer: de snorkel.

De Standaard uitrusting 

De snorkel behoort nog steeds tot de standaard duikuitrusting voor de NOB en menig ander opleider. In de reclamefolders en op de platen van de opleidingsboeken staan alle modellen met vrolijk gekleurde snorkel gefotografeerd. Als leek krijg je de indruk dat de snorkel niet alleen een prominent maar ook essentieel onderdeel moet zijn van de uitrusting. Zowel boven als onderwater. Want op elke plaat waar een model zich zwoel weet te positioneren naast een tropisch zeedier, hangt een snorkel aan het masker te bungelen.

NOB boek opleiding 1*-duikerIn het huidige 1* boek wordt de snorkel als uitrustingsstuk beschreven en er zijn oefeningen (1* en 2*) met de snorkel. Het (enige) aangevoerde argument voor het gebruik van de snorkel is om “snorkelend” boven water een afstand te overbruggen. Wat magertjes argument om hiervoor een uitrustingsstuk dwingend voor te schrijven.

De snorkel staat namelijk wel voorgeschreven in de norm waar alle duikorganisaties aan moeten voldoen. De zogenaamde NEN en de ISO norm. Een norm is echter niet goddelijk gegeven, maar geschreven door personen, kan worden aangepast en je kan ook voldoen aan de norm door te omschrijven waarom je iets niet doet.

De praktijk 

In praktijk zie ik echter niemand snorkelen. Iedereen zwemt comfortabel op de rug. Je kan zo een babbeltje maken met de buddy, van het zonnetje genieten en de oppervlakte (zeilboten, motorboten, jetski’s) in de gaten houden. Koers houden kan je door te kijken naar punten aan de oppervlakte aan de andere kant, het kompas te gebruiken of, en dat is veruit het makkelijkste, door af en toe om te kijken.

Dat je op je rug zwemmend niet kan zien waar je naar toe gaat, is net zo waar of onwaar als dat je dat snorkelend zou kunnen. Oriëntatie via de bodem is in Nederland vrijwel onmogelijk. Met je kop in het water kan je alleen op kompas iets zien en zie je niet die huurzeilboot met onervaren zeilers aankomen. Het praat ook niet lekker met je buddy.

De veiligheid

Er is wel een reële mogelijkheid (al enkele malen bij een opleiding gezien) dat een beginnend duiker zich onderwater vergist en de snorkel onder water in zijn mond doet in plaats van zijn ademautomaat.

Je hoeft ook niet heel veel fantasie te hebben om je voor te stellen wat er kan gebeuren als je met een snorkel aan je masker een boeitje probeert op te laten. Zeker die boeitjes die je met je mond moet opblazen. Menigeen heeft zo snorkel en masker verloren.

Er zitten naar mijn mening een aantal veiligheidverlagende aspecten aan het gebruik van de snorkel bij een duikuitrusting. De voordelen zijn er zover ik kan zien niet. Vooral omdat het enige huidige argument (snorkelen aan de oppervlakte) helemaal niet beter of comfortabeler is dan op de rug zwemmen.

Het tegenargument

Hier heb je liever geen snorkel
Hier heb je liever geen snorkel

“Neem mee wat je voor de duik denkt nodig te hebben” is een flauw antwoord. Beginnende duikers kunnen dit niet voor elke duik inschatten. Ik ben er als instructeur juist voor om hier bij de leerlingen richting aan te geven. Om dan te adviseren de snorkel altijd mee te nemen “voor het geval dat” is een argument dat voor meer producten geldt. Duikwinkels liggen vol met producten die je mogelijk nodig zou kunnen hebben en op dit argument zou je de hele duikwinkel wel aan kunnen trekken. Ik kan me niet heugen in mijn duiken een snorkel nodig te hebben gehad en ik heb ook nog nooit iemand gehoord dat iemand dankzij zijn/haar snorkel zich uit een benarde situatie heeft weten te redden. Wel het tegenovergestelde: dat de snorkel juist problemen heeft veroorzaakt.

Als ik zoek op internet lees ik als meest zinnig argument dat de snorkel mogelijk handig zou kunnen zijn bij hoge opspattende golven en als je niet voldoende lucht hebt om naar de kant/boot te komen. Knap als je in dit weer kan snorkelen maar wel vreemd dat je niet meer 10 bar over hebt om een metertje onder de golven naar de kant te duiken..

De conclusie

Ik heb in Zeeland trouwens nog nooit zo’n plotselinge weeromslag meegemaakt dat het water binnen een uur veranderd van een “duikbare golfslag” naar “hoge opspattende golven”. Je hebt dan of het weerbericht niet in de gaten gehouden of je bent er al met een stevige golfslag in gegaan. Als ik met stevige golfslag het water in ga, denk ik maar aan één ding: hoe bereik ik zo snel mogelijk diepte. Het is uiterst oncomfortabel om dan met een snorkel aan de oppervlakte te dobberen. Op (de Noord)zee of met een bootduik duik je sowieso met veel meer marges en hou je verplicht de automaat in je mond tot je op het dek staat. Kortom, ik meen dat een snorkel (hoe dan ook) geen oplossing is voor een situatie met hoge golven.  En verder heb ik nog steeds geen andere steekhoudende argumenten gehoord.

Niet tegenstaande dat het ding vroeger wel nut had. Met je zeven liter op 100 bar en nauwelijks compressoren om te vullen, kon je beter snorkelend uitzwemmen. Nu staat op elke stek een vulautomaat. Er is geen enkele reden meer om niet met 230 bar in je 10 of 12 liter te vetrekken.

De discussie loopt al een tijdje met de NOB. Proforma zal ik iedereen opleiden met de snorkel. Dan voldoen we aan de norm.  om er direct aan toe te voegen dat de snorkel het best functioneert als sifon en dat het ding verder vooral niet moet worden meegenomen.