Kun je duiken bij onweer?

In 2012 gepubliceerd, maar in deze zomermaanden wel weer relevant en dus in de herhaling:

De adviezen om bij onweer niet te schuilen onder een boom of niet in het midden van een open veld te staan zijn genoegzaam bekend. Wat gebeurt er echter wanneer de bliksem inslaat in water? Welke gevolgen heeft zo’n inslag voor zwemmers, duikers en het mariene leven? hoe moet je hiermee omgaan?
Het antwoord voor zwemmers en duikers luidt: vermijd zwemmen en duiken vóór, tijdens of onmiddellijk na onweer.

Wat gebeurt er als de bliksem inslaat op een zoetwatermeer?

Onweer behoort inderdaad tot de gevaarlijkste weertypen om in te duiken. Maar het is een feit dat zuiver water geen stroom geleidt. Water is een moleculaire stof, dat gevormd is uit de “niet-metalen” waterstof en zuurstof. Als bliksem inslaat op een zoetwatermeer, dan zal de stroom zich vooral over het oppervlak verspreiden. Dat geldt niet voor zout water of vervuild water. In deze watertypen kunnen de zweefdeeltjes (zout, metalen, vuil) de stroom opnemen en doorgeven aan elkaar. Blikseminslag verloopt daar dus anders en verdwijnt in schoon, zuiver zoet water de inslag minder de diepte in. Als je verder weg komt van het inslagpunt, neemt ook de stroomsterkte snel af. Dat betekent dat vissen en duikers in zoet water, onder water, weinig last hebben van bliksem. Ben je aan de oppervlakte, dan is bliksem het grootste risico op en nabij het inslagpunt.

Wat gebeurt er als de bliksem inslaat op zee?

Zeewater heeft goede geleidende eigenschappen. Als gevolg van het skin effect neemt de stroomdichtheid van een elektrische wisselstroom die door een geleider loopt, exponentieel af met de diepte.
Het inslagoppervlak gedraagt zich m.a.w. als een huid (“skin”). Dit fenomeen doet zich met name voor bij hoge stroomfrequenties, zoals bij blikseminslag. Het merendeel van de stroom zal zich in een dergelijke situatie dan ook aan het wateroppervlak verspreiden. Naarmate de afstand tot het contactpunt – de plaats van inslag – vergroot, neemt de sterkte van de stroom af.

Is er dan zoiets als een veilige afstand ten aanzien van een onweer, wil men elektrocutie vermijden?
Moeilijk te zeggen. Tal van factoren zoals stroomsterkte van de bliksem, zoutgehalte van het water, etc. maken immers dat geen twee blikseminslagen gelijk zijn. Bovendien is de exacte locatie van een inslag niet te voorspellen. Zwemmers of duikers die zich aan het oppervlak en dus in de mogelijke stroombaan van de bliksem bevinden, verlaten bij naderend onweer best zo snel mogelijk het water. Op volle zee ben je enkel veilig binnenin een gesloten metalen bescherming (bv. een schip). Deze leidt de bliksem langs de buitenkant af naar het water.
Onder water lijkt de situatie iets veiliger. Het overgrote deel van de stroom verspreidt zich immers aan het oppervlak. Een duiker die zich onder water bevindt, zal waarschijnlijk geen stroomstoot ondervinden. Maar omdat zeewater geen perfecte geleider is, is ook dit niet helemaal zonder gevaar. Al neemt de stroomsterkte af bij toenemende diepte, toch is het moeilijk om een min of meer veilige diepte te bepalen. Elke blikseminslag is nu eenmaal uniek!

Bij naderend onweer kun je meren, plassen en zee het best vermijden. Ben je aan het duiken en heb je mogelijkheden, wacht dan met opstijgen tot de bliksem voorbij is. Heb je die mogelijkheden niet, blijf dan kort aan de oppervlakte en ga snel naar de auto/boot. De hoogste punten trekken bliksem aan en bieden bescherming.

Wat zijn de gevolgen voor allerhande zeedieren?

Een zeedier dat zich aan het wateroppervlak bevindt bij onweer, heeft niet minder kans op elektrocutie dan een mens. Toch is er na een onweer op zee geen sprake van massale vissterfte. De meeste vissen zwemmen nu eenmaal niet aan het wateroppervlak. En mogelijk brengt onweer bij zeedieren een schrikreactie tot stand, die hen tijdelijk naar grotere diepte doet wegtrekken. Hoe het zeeleven dan een naderend onweer aanvoelt is onduidelijk en niet echt onderzocht.

Met dank aan dr. Dieter Poelman, 
Koninklijk Meteorologisch Instituut van België, Radar- en bliksemdetectiegroep.